4.Al die willen te kap’ren varen
Al die willen te kaap’ren varen moeten mannen met baarden zijn.
Al die willen te kaap’ren varen moeten mannen met baarden zijn.
Jan, Pier, Tjores en Corneel, die hebben baarden, die hebben baarden.
Jan, Pier, Tjores en Corneel die hebben baarden, zij varen mee.
Al die willen te walvis vangen moeten mannen met baarden zijn.
Al die willen te walvis vangen moeten mannen met baarden zijn.
Jan, Pier, Tjores en Corneel, die hebben baarden, die hebben baarden.
Jan, Pier, Tjores en Corneel die hebben baarden, zij varen mee.
Al die dood en de duivel niet vrezen moeten mannen met baarden zijn.
Al die dood en de duivel niet vrezen moeten mannen met baarden zijn.
Jan, Pier, Tjores en Corneel, die hebben baarden, die hebben baarden.
Jan, Pier, Tjores en Corneel die hebben baarden, zij varen mee.
Al die vrouwen en drank beminnen moeten mannen met baarden zijn.
Al die vrouwen en drank beminnen moeten mannen met baarden zijn.
Jan, Pier, Tjores en Corneel, die hebben baarden, die hebben baarden.
Jan, Pier, Tjores en Corneel die hebben baarden, zij varen mee.
Al die mee naar de hel wil varen moeten mannen met baarden zijn.
Al die mee naar de hel wil varen moeten mannen met baarden zijn.
Jan, Pier, Tjores en Corneel, die hebben baarden, die hebben baarden.
Jan, Pier, Tjores en Corneel die hebben baarden, zij varen mee.